Het in 2008 ingezette wijkenbeleid leidt niet tot algemene en grootschalige waterbedeffecten. Wel zijn er specifieke situaties waar een waterbedeffect heeft bijgedragen aan een neergaande leefbaarheidsontwikkeling. Na uitvoerig onderzoek naar de leefbaarheidsontwikkeling van de aandachtswijken en omliggende wijken concludeert RIGO dat het wijkenbeleid niet heeft geleid tot een verandering van de mate waarin problemen zich tussen wijken verplaatsen.
In 2008 is de wijkaanpak van start gegaan, met als doel de leefbaarheid in de veertig geselecteerde aandachtswijken te verbeteren. De vrees is dat investeringen in deze wijken weleens kunnen leiden tot een verplaatsing van de problemen. Bijvoorbeeld omdat de sloop van woningen zorgt voor een vertrek van meer kansarme bewoners. Als deze elders in dezelfde concentratie terugkomen, kan dat daar voor leefbaarheidsproblemen zorgen.
RIGO heeft voor de tweede maal voor het Ministerie van BZK onderzocht of en in welke mate dit zogenaamde waterbedeffect voorkomt. Hiervoor is onder andere gebruik gemaakt van gegevens uit de
Leefbaarometer. Uit dit onderzoek blijkt dat er tussen 2008 en 2010 geen aanwijzingen zijn voor een algemeen en grootschalig waterbedeffect vanuit de veertig aandachtswijken. Er lijkt zelfs eerder sprake te zijn van een positieve samenhang tussen de ontwikkelingen in de aandachtswijken en in de omgeving: in de aandachtswijken waar de leefbaarheid verbeterd gaat het in de omgeving ook beter. Wel zijn er in de omgeving van de aandachtswijken specifieke gebieden gevonden waar een waterbedeffect mogelijk heeft bijgedragen aan een negatieve leefbaarheidsontwikkeling. Deze gebieden liggen veelal in de aanliggende buurten, maar komen ook in de rest van de stad en regio voor. Ten slotte blijkt uit een vergelijking met het eerste onderzoek (over de periode 2006-2008) dat er een vergelijkbaar aantal indicaties gevonden is voor mogelijke waterbedeffecten. De conclusie is dan ook dat het wijkenbeleid niet heeft geleid tot een verandering van de mate waarin problemen zich tussen wijken verplaatsen.
KEI zette de belangrijkste bevindingen waarover de Minister aan de Tweede Kamer rapporteerde op een rij.