De provincie Zuid-Holland gaat steviger sturen op haar ambitie de beschikbaarheid van passende woningen te verbeteren en vraag en aanbod in balans te brengen. Dit kwam voort uit de bespreking van de GS-brief ‘Provinciaal beleid en aanpak regionale woonvisies’ in de commissie Ruimte en Leefomgeving van 7 juni 2017. Van de provincie wordt verwacht dat zij zich richt op bovenlokale afstemming. Daarom kiest ze voor een rol bij kwalitatieve (differentiatie) en kwantitatieve (aantallen) sturing op de woningvoorraad. De provincie vraagt aan gemeenten om in samenwerking een regionale woonvisie op te stellen.

Het uitgangspunt blijf dat gemeenten en regio’s zelf verantwoordelijk zijn voor de woonopgave. Zij hebben bovendien meer instrumenten tot hun beschikking dan de provincie, zoals het maken van prestatieafspraken met o.a. woningbouwcorporaties, het vaststellen van bestemmingsplannen en het maken van afspraken voor het feitelijk bouwen van woningen met bouwbedrijven en projectontwikkelaars. De provincie wil hen hierbij helpen en begeleiden, bijvoorbeeld door het leveren van (sturings)informatie

Aan de Commissie Ruimte en Leefomgeving is toegezegd dat GS zich zal inzetten om in de zomer 2017 (de eerste contouren van) een Monitor Wonen op te zetten. RIGO is gevraagd een voorstel uit te werken om de provinciale monitoring te structureren en te verbeteren.