Gepubliceerd op:

In het Landelijk Platform Studentenhuisvesting (LPS) werken het Rijk, gemeenten, onderwijsinstellingen, huisvesters en vertegenwoordigers van studenten samen aan het terugdringen van de kamernood. In het actieplan studentenhuisvesting 2018-2021 hebben zij besloten tot een “externe verkenning waarin wordt gezocht naar gedragen wijzigingsvoorstellen in wet- en regelgeving die hierin sturend zijn, zoals de huurtoeslag en het woningwaarderingsstelsel voor onzelfstandige woonruimte.” RIGO heeft deze verkenning uitgevoerd.

Het onderzoek bestond uit casestudies van recente projecten waarbij zelfstandige dan wel onzelfstandige studentenwoningen zijn gerealiseerd. Hiervoor zijn twaalf casusprojecten geselecteerd in drie studentensteden: Delft, Nijmegen en Utrecht. Van deze casusprojecten zijn cijfers (o.a. over de investeringen, huurprijzen en afmetingen) opgevraagd en geanalyseerd, die als input zijn gebruikt voor een effectverkenning van beleidsopties. Daarnaast hebben interviews plaatsgevonden met de investeerders en verhuurders, waarbij gevraagd is naar de overwegingen die een rol spelen bij de investeringsbeslissing.

Prikkels en beleidsopties

Op basis van het onderzoek hebben we geanalyseerd welke positieve en negatieve prikkels voor het realiseren van onzelfstandige eenheden ontstaan vanuit landelijk beleid, waaronder de huurtoeslagregeling en het woningwaarderingsstelsel. Daarnaast is verkend welke beleidsopties een mogelijke oplossing bieden, rekening houdend met betaalbaarheid van woonlasten voor studenten en budgettaire houdbaarheid voor het Rijk. De uitkomsten zullen binnen het LPS verder worden opgepakt.