Gepubliceerd op:

De monumentenstatus markeert de behoefte van de samenleving om onze cultuur en geschiedenis te behouden voor toekomstige generaties. Monumenten zijn een beetje van ons allemaal. Ze dragen bij aan de aantrekkelijkheid van hun omgeving. Buurtbewoners en eigenaren profiteren hier van, maar ook toeristen en ondernemers in de buurt.

De monumentale status heeft ook een keerzijde. Wet- en regelgeving brengen beperkingen met zich mee waardoor meerkosten ontstaan bij het onderhoud. Daarnaast zijn de ontwikkelingsmogelijkheden beperkt. Enerzijds leveren deze monumenten baten op voor bewoners, buurt en andere partijen, anderzijds werpen de hogere exploitatiekosten bij woningcorporaties de vraag op hoe ze te zien in het licht van de kerntaken.

Is het billijk dat de hogere kosten mede door de andere huurders van de corporatie worden opgebracht? Wat zijn de gevolgen van liberalisatie of verkoop? Moet monumentaal wonen ook voor de corporatiedoelgroep mogelijk blijven? Is het aan corporaties om te investeren in beschermd stadsgezicht?

In opdracht van de woningcorporaties Eigen Haard, Havensteder en Woonbedrijf Eindhoven ging RIGO aan de hand van drie casestudies op zoek naar een afwegingskader waarmee corporaties beleidskeuzes rond hun monumentaal bezit kunnen onderbouwen.